Nationaal Park Lovcén

Montenegro is vernoemd naar de Lovcén, ‘de zwarte berg’. Het is de derde hoogste berg van het land, met een top op bijna 1750 meter boven zeeniveau. De voet strekt zich uit tot aan de Adriatische zee en aan de andere kant tot ver in het binnenland.

De berg is gelegen in het gelijknamige gebied, Nationaal Park Lovcén. Een natuurgebied dat door invloed van zowel zee- als landklimaat plaats biedt aan een aantal planten die alleen hier groeien. Daarnaast leven er in het park veel vogels, en enkele beren en wolven.

Het Nationale Park is niet ver van Kotor. Naar de top van de berg is het ongeveer anderhalf uur rijden. Je kunt met de auto bijna tot aan de top komen. De route gaat via smalle weggetjes en honderden haarspeldbochten. Hier en daar is de weg soms best wel gevaarlijk.

Bovenaan de berg is een klein parkeerplaatsje, waar je op de meeste zomerdagen je auto niet kwijt kan. Parkeren moet in dat geval op een steile helling. Maar als je de auto dan weggezet hebt, is het niet meer ver naar boven. Een trap leidt je naar de top. Daar is ook een monument: het graf van prins-bisschop Peter II van Montenegro.

Neem kleingeld mee, als je het Nationale Park bezoekt. Voor het laatste deel van de stijging moet entreegeld worden betaald. Je wil niet het hele eind terugrijden zonder aan de top geweest te zijn. Wees er ook op bedacht dat de temperatuur boven tot tien graden kouder kan zijn.

Een auto is voor deze bestemming wel zo handig. Lovcén is niet bereikbaar per openbaar vervoer.

Er rijden wel langeafstandsbussen naar Cetinje. Bijvoorbeeld vanaf Kotor, Podgorica en Budva. Vanaf Cetinje kan je dan een hike maken, nadat je eventueel de eerste kilometers overslaat met een taxi.